Dit artikel gaat over die verhouding: waar de grens ligt en waarom je geen keuze hoeft te maken. Hoe elk protocol op zichzelf werkt, staat in ons artikel over ISO 15118 en dat over OCPP.
Drie partijen, twee gesprekken
Bij elke laadsessie zijn drie partijen betrokken: je auto, de laadpaal en het beheersysteem daarachter. Dat laatste heet in OCPP-termen het Charging Station Management System en houdt bij wie er laadt en wat de afrekening wordt. Tussen die drie lopen twee gesprekken, elk in een eigen taal.
| Schakel | Wat de partijen uitwisselen | Protocol |
|---|---|---|
| Auto en laadpaal | Identiteit, laadvermogen, start en stop, stroomrichting | ISO 15118 |
| Laadpaal en beheersysteem | Sessiegegevens, meterstanden, tarieven, storingen, firmware | OCPP |
| Auto en beheersysteem | Geen van beide, het contact loopt via de laadpaal | Geen |
Die derde regel is de kern: in deze keten praat je auto niet rechtstreeks met het systeem dat de rekening opmaakt. De laadpaal staat ertussen en vertaalt.
Waar ISO 15118 ophoudt en OCPP begint
De twee verschillen ook in wie ze beheert en hoe snel ze zich ontwikkelen.
| ISO 15118 | OCPP | |
|---|---|---|
| Welk gesprek | Auto en laadpaal | Laadpaal en beheersysteem |
| Beheerder | ISO (internationale normalisatieorganisatie) | Open Charge Alliance (non-profit, 2014) |
| Relevante versies | ISO 15118-2 en ISO 15118-20 (2022) | OCPP 1.6 (2015), 2.0.1 (2020) en 2.1 (2025) |
| Waar je het merkt | Aan de kabel, tijdens de sessie | In je app en je afrekening |
Dat verschil in beheerder verklaart het verschil in tempo. ISO werkt in formele normrondes. ISO 15118-2 beschrijft alleen stroom van de laadpaal naar de auto; de bidirectionele richting schoof door naar een volgende revisie (bron: NEN). Die functionaliteit landde in 2022 in een nieuw deel: ISO 15118-20. Let verder op dat OCPP 1.6 en 2.0.1 onderling niet met elkaar praten: een paal op 1.6 koppel je niet aan een beheersysteem dat 2.0.1 spreekt.
Wat er tijdens één laadsessie gebeurt
Aan een gewone laadbeurt zie je het duidelijkst. Je steekt de stekker erin en dit gebeurt:
- Auto en laadpaal maken contact via de kabel. ISO 15118 regelt dat gesprek: de auto meldt wie hij is en hoeveel vermogen hij aankan.
- De laadpaal meldt de sessie aan bij het beheersysteem en vraagt of deze gebruiker mag laden. Dat loopt over OCPP.
- Het beheersysteem geeft groen licht, eventueel met een laadprofiel: langzamer nu, of wachten op het daltarief.
- De laadpaal past het vermogen aan. Spreken auto en paal ISO 15118, dan gaat het profiel als bericht naar de auto; anders regelt de paal het via de kabel.
- Daarna stuurt de laadpaal de meterstanden over OCPP terug, zodat de afrekening klopt.
Haal je er één weg, dan valt de keten uit elkaar. Zonder ISO 15118 weet de paal niet welke auto eraan hangt. Zonder OCPP weet niemand wat die auto laadde.
Waarom Plug & Charge beide standaarden nodig heeft
Plug & Charge is een bekend voorbeeld van die samenwerking: je sluit de kabel aan en de sessie start vanzelf, zonder laadpas, app of pinpas (bron: CharIN). Je auto stuurt daarvoor een digitaal certificaat naar de laadpaal over ISO 15118.
Daarmee ben je er nog niet. Het beheersysteem moet dat certificaat ook controleren en aan een laadcontract koppelen. Die stap zit pas vanaf OCPP 2.0.1 in het protocol: die versie voegde ondersteuning voor ISO 15118 toe (bron: Open Charge Alliance). Voor bidirectioneel laden ging de alliantie verder met OCPP 2.1 uit 2025, dat ISO 15118-20 ondersteunt inclusief stroom in twee richtingen. Wie de auto later als reservebron wil inzetten, let dus op beide kanten. Bij de bidirectionele laadpalen staat per model hoe ver die voorbereiding gaat.
Waar let je op als je een laadpaal koopt?
De praktische vertaling: kijk welke protocollen de paal ondersteunt en in welke versie. Palen die ISO 15118 spreken, staan bij elkaar in de categorie laadpaal met ISO 15118. Noemt het specificatieblad de versie niet, vraag die dan na.
- ISO 15118-2: de paal kan Plug & Charge aan.
- ISO 15118-20: de paal is voorbereid op bidirectioneel laden, waarbij je auto stroom teruglevert aan huis of net (V2G, vehicle-to-grid).
- OCPP 1.6: genoeg voor slim laden en het doorgeven van sessiegegevens.
- OCPP 2.0.1 of hoger: de standaardroute voor Plug & Charge, 2.1 voor volwaardig bidirectioneel laden.
Eén ding lees je niet af aan de protocollen: of je de geladen kilowattuur ook mag verrekenen. Daarvoor heeft je laadpaal een ingebouwde MID-meter nodig, een geijkte kWh-meter. OCPP vervoert die standen naar het beheersysteem, maar pas een geijkte meter maakt ze bruikbaar.
Sinds 2026 verzilver je thuis geladen stroom als particulier via ERE-registratie, het systeem van emissiereductie-eenheden van de Nederlandse Emissieautoriteit. Bij particulieren moet die MID-meter altijd in de laadpaal zelf zitten. Een MID-meter is daarmee geen zakelijke extra meer, maar het eerste waar je op let.
Je wilt dus geen keuze tussen de twee, maar een paal die ze allebei spreekt. Die vind je bij de slimme laadpalen van Wallbox Discounter.